Werken in onroerende staat – verplichte vermelding bij verlegging van BTW!

december 24, 2022

Ben je in de bouw actief en factureer je met 6% BTW bij bouwwerken voor particulieren waarvan de woning ouder is dan 10 jaar, dan weet je dat je sinds 1 juli 2022 niet langer van het BTW-attest 6% kan gebruik maken maar dat je een ‘verplichte vermelding’ op de factuur moet opnemen :

Btw-tarief: Bij gebrek aan schriftelijke betwisting binnen een termijn van 1 maand vanaf de ontvangst van de factuur, wordt de klant geacht te erkennen dat (1) de werken worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming heeft plaatsgevonden in een kalenderjaar dat ten minsten 10/15 jaar voorafgaat aan de datum van de eerste factuur met betrekking tot die werken,
(2) de woning, na uitvoering van de werken, uitsluitend of hoofdzakelijk als privéwoning wordt gebruikt en
(3) de werken worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker (eigenaar of huurder). Wanneer minstens één van die voorwaarden niet is voldaan, zal het normale Btw-tarief van 21% van toepassing zijn en is de afnemer ten aanzien van die voorwaarden aansprakelijk voor de betaling van de verschuldigde belasting, interesten en geldboeten.

Zonder deze geijkte verklaring is je factuur niet geldig en kan bij een BTW-controle het verschil tussen 21% en 6% BTW, nl. de 15% bij u als aannemer gehaald worden. Deze geijkte verklaring moet er voor zorgen dat de klant opdraait voor het verschil bij een verkeerde toepassing van het BTW-tarief.

Vanaf 1 januari 2023 komen volgende nieuwe regels voor werken in onroerende staat waarbij BTW wordt verlegd naar de afnemer (klant met een BTW-nummer) er bij :

  • in het geval dat de afnemer een buitenlandse onderneming is met een (rechtstreeks) Belgisch BTW-nummer, zal de verlegging van BTW van toepassing zijn;
  • verbod voor kleine ondernemingen en landbouwondernemingen om hun Belgisch BTW-nummer niet mee te delen aan een aannemer, wordt opgeheven.Vanaf 1 januari 2023 zal dit verbod vervangen worden door de verplichting van de afnemer om de aannemer op de hoogte te brengen dat hij geen periodieke BTW-aangiften indient. Indien de afnemer deze verplichting niet nakomt of hij dient wel periodieke BTW-aangiften in, kan de aannemer een factuur zonder BTW uitreiken.
  • verplichte vermelding op factuur indien de aannemer de BTW verlegt naar de medecontractant :

“Verlegging van heffing. Bij gebrek aan schriftelijke betwisting binnen een termijn van één maand na de ontvangst van de factuur, wordt de afnemer geacht te erkennen dat hij een belastingplichtige is gehouden tot de indiening van periodieke aangiften. Als die voorwaarde niet vervuld is, is de afnemer ten aanzien van die voorwaarde aansprakelijk voor de betaling van de verschuldigde belasting, interesten en geldboeten”.

Op die manier wordt zoals bij de 6% BTW bij een particulier de afnemer aansprakelijk gesteld voor de mogelijke verkeerde BTW-toepassing. Op zich is dit een goede zaak ware het niet dat dit voor de aannemer wel wat aanpassingen vraagt bij facturatie. De aannemer zal in feite over 3 modellen van verkoopfacturen moeten beschikken, nl. 1 zonder bijkomende vermelding, 1 met specifieke vermelding ‘6% BTW’ en 1 met specifieke vermelding ‘BTW verlegd’.

Bij vragen, aarzel niet om jouw dossierbeheerder hieromtrent te contacteren.

© 2022 D&V Bedrijfsadviseurs I site onderhouden door Trivali